14 februari 2015

Louis Jourdan


93, Beverly Hills, 14 februari, natuurlijke dood

Frans acteur, pseudoniem van Louis Robert Gendre. Laatste van de grote Franse charmeurs in Hollywood. Zoon van een hotelmanager in Marseille en Cannes, nam de naam van zijn moeder aan. Maakte zijn filmdebuut in Le corsaire (Marc Allégret, 1939) en maakte snel furore in een aantal tijdens de oorlog vervaardigde films: La comédie du bonheur (Marcel l’Herbier, 1940), Premier rendez-vous (Henri Decoin, 1941), als clown in Parade en 7 nuits (Allégret, 1941),
L’arlésienne (Allégret, 1942), La belle aventure/De ontvoerde bruid (Allégret, 1942), Les petites du Quai aux Fleurs (Allégret, 1944), Félicie Nanteuil (Allégret, 1944) en als Rodolfo in La vie de bohème (L’Herbier, 1945). Vrij snel na de bevrijding werd Jourdan als jeune premier gescout door David O. Selznick, die hem een rol gaf als louche getuige in de rechtbankfilm The Paradine Case (Alfred Hitchcock, 1947). Aansluitend speelde hij de rol van een Weense concertpianist, die zich de liefde van Joan Fontaine pas realiseert na haar dood, in het schitterende melodrama Letter from an Unknown Woman (Max Ophüls, 1948).
Vervolgens in No Minor Vices (Lewis Milestone, 1949), Madame Bovary (Vincente Minnelli, 1949), Bird of Paradise (Delmer Daves, 1951), Anne of the Indies/De Vrijbuitster der Antillen (Jacques Tourneur, 1951), The Happy Time (Richard Fleischer, 1952), in vier verschillende rollen, weer tegenover Fontaine, in het Brits-Spaanse Decameron Nights (Hugo Fregonese, 1953), even terug in Frankrijk in Rue de l’ Estrapade (Jacques Becker, 1953), als Italiaanse prins in Three Coins in the Fountain (Jean Negulesco, 1954), tegenover Grace Kelly in The Swan (Charles Vidor, 1956), tegenover Doris Day in Julie (Andrew L.  Stone, 1956), tegenover Brigitte Bardot in La mariée est trop belle/Her Bridal Night (Pierre Gaspard-Huit, 1956), top-billed in het Franse Escapade (Ralph Habib, 1957) en het Engelse Dangerous Exile (Brian Desmond Hurst, 1958). Daarna speelde en zong Jourdan zijn beroemdste rol, van een playboy in de laatste grote MGM-musical van de Arthur Freed-unit, Gigi (Minnelli, 1958). De film won negen Oscars uit negen nominaties, maar geen enkele voor een acteur, zoals Jourdans landgenoten Leslie Caron en Maurice Chevalier. Wel won het door Jourdan zelf gezongen liedje Gigi een Oscar.
Daarna een bijrol in The Best of Everything (Negulesco, 1959), tegenover Chevalier, Frank Sinatra en Shirley MacLaine in Can-Can (Walter Lang, 1960), top-billed in het peplum-drama Le vergini di Roma/Amazons of Rome (Carlo Ludovico Bragaglia, Vittorio Cottafavi en Peter O’Cord, 1961), Le comte de Monte Cristo (top-billed; Claude Autant-Lara, 1961), Il disordine/Disorder (top-billed; Franco Brusati, 1962), Leviathan/Dark Journey (top-billed; Léonard Keigel, 1962), Mathias Sandorf (top-billed; Georges Lampin, 1963), The V.I.P.s (Anthony Asquith, 1963), als de verteller in de grootste Nederlandse bioscoophit aller tijden, Irma la Douce (Billy Wilder, 1963), Made in Paris (Boris Sagal, 1966), tegenover Gina Lollobrigida in Les sultans (Jean Delannoy, 1966), Peau d’espion/In de huid van een ander (top-billed; Édouard Molinaro, 1967), als kardinaal in Cervantes (Vincent Sherman, 1967), de Feydeau-verfilming A Flea in Her Ear (Jacques Charon, 1968), de tv-film Run a Crooked Mile (top-billed; Gene Levitt, 1969), als Siciliaanse prins in Silver Bears (Ivan Passer, 1978), top-billed in Swamp Thing (Wes Craven, 1982), als Bondschurk Kamal Khan in Octopussy (John Glen, 1983),
top-billed in het Australische Double Deal (Brian Kavanagh, 1983), Grand Larceny (Jeannot Szwarc, 1987), Escuadrón (José Antonio de la Loma, 1988), The Return of Swamp Thing (top-billed; Jim Wynorski, 1989) en Year of the Comet (Peter Yates, 1992). Woonde sindsdien in Zuid-Frankrijk, maar overwinterde in zijn huis in Beverly Hills.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen