13 juli 2019

Stephen Verona


78, Los Angeles, 13 juli, longkanker

Amerikaans regisseur, scenarioschrijver en producent. Oscarnominatie voor de korte film The Rehearsal (1969). Regisseerde, schreef en produceerde daarna de lange film The Lords of Flatbush (1974), met een vroege hoofdrol voor Sylvester Stallone. Daarna minder succesvol met Pipe Dreams (hoofdrol voor soulzangeres Gladys Knight; 1976), Boardwalk (met Ruth Gordon en Lee Strasberg; 1979) en het ranzige Talking Walls (1987).

Richard Carter


Foto: Eva Rinaldi

65, New South Wales, 13 juli, na een korte ziekte

Australisch bijrolacteur. Vooral bekend als The Bullet Farmer in Mad Max: Fury Road (George Miller, 2015). Soms onder de naam Ric Carter. Onder meer in Howling III (Philippe Mora, 1987), Grievous Bodily Harm (Mark Joffe, 1988), The Punisher (Mark Goldblatt, 1989), Reckless Kelly (Yahoo Serious, 1993), No Escape (Martin Campbell, 1994), Muriel’s Wedding (P.J. Hogan, 1994), Babe: Pig in the City (Miller, 1994), Two Hands (Gregor Jordan, 1999), Dogwatch(Laurie MacInnes, 1999), Our Lips Are Sealed (Craig Shapiro, 2000), The Man Who Sued God (Joffe, 2001), Rabbit-Proof Fence (Philip Noyce, 2002), Hating Alison Ashley (Geoff Bennett, 2005), Happy Feet (Miller, 2006) en The Great Gatsby (Baz Luhrmann, 2013). Ook veel tv-werk.


10 juli 2019

Denise Nickerson


62, Aurora CO, 10 juli, gevolgen van beroerte

Amerikaans (kinder)actrice. Speelde Violet Beauregarde in Willy Wonka and the Chocolate Factory/Sjakie en de chocoladefabriek (Mel Stuart, 1971). Ook in Smile (Michael Ritchie, 1975) en Zero to Sixty (Don Weis, 1978).


Valentina Cortese


96, Milaan, 10 juli, natuurlijke dood

Italiaans actrice, pseudoniem van Valentina Rossi Coenzo. Oscarnominatie voor beste vrouwelijke bijrol als de alcoholistische diva in La nuit américaine/Day for Night (Francois Truffaut, 1973). Ook opvallend in Le amiche (Michelangelo Antonioni, 1955) en Giulietta degli spiriti/Giulietta van de geesten (Federico Fellini, 1965). Ook veel in het theater, met name onder regie van Giorgio Strehler. Debuteerde als 17-jarige in Orizzonte dipinto (Guido Salvini, 1941). Speelde redelijk anonieme rolletjes in de fascistische periode, bij voorbeeld in Il bravo di Venezia (Carlo Campogalliani, 1941), Primo amore (Carmine Gallone, 1941), Una signora dell’ovest (Carlo Koch, 1942), La cena delle beffe (Alessandro Blasetti, 1942) en een eerste hoofdrol in Soltanto un bacio (Giorgio Simonelli, 1942). Haar reputatie werd pas goed gevestigd in naoorlogse films als Nessuno torna indietro (Blasetti, 1945), het door Fellini geschreven Chi l’ha visto? (Goffrredo Alessandrini, 1945), Roma città libera (Marcello Pagliero, 1946), Un americano in vacanza (Luigi Zampa, 1946), Caccia all’uomo (Riccardo Freda, 1948) en vooral in Tempesta su Parigi (naar Les misérables; Freda, 1948). Het leidde tot een internationale carrière, ook in Hollywood: The Glass Mountain (Henry Cass, 1949), Black Magic/Cagliostro (tegenover Orson Welles; Gregory Ratoff, 1949), Thieves’ Highway (Jules Dassin, 1949), Malaya (tegenover James Stewart en Spencer Tracy; Richard Thorpe, 1949), The House on Telegraph Hill (Robert Wise, 1951), Secret People (Thorold Dickinson, 1952) en The Barefoot Contessa (Joseph L. Mankiewicz, 1954). Ook in Donne proibite/Verboden vrouwen (Giuseppe Amato, 1954), Avanzi di galera (Vittorio Cottafavi, 1954), Adriana Lecouvreur (Salvini, 1955), de Wagner-biopic Magic fire (William Dieterle, 1956), Square of Violence (Leonardo Bercovici, 1961), Barabbas (Richard Fleischer, 1961), The Visit (Bernhard Wicki, 1964), The Legend of Lylah Clare (Robert Aldrich, 1968), The Secret of Santa Vittoria (Stanley Kramer, 1969), Les caprices de Marie (Philippe de Broca, 1970), Erste Liebe (Maximilian Schell, 1970), Fratello sole, sorella luna/Brother Sun, Sister Moon (Franco Zeffirelli, 1972),  The Assassination of Trotsky (Joseph Losey, 1972),Le grand escogriffe (Claude Pinoteau, 1976), als Herodias in Jesus of Nazareth (Zeffirelli, 1977), When Time Ran Out… (James Goldstone, 1980), The Adventures of Baron Munchausen (Terry Gilliam, 1988), Buster’s Bedroom (Rebecca Horn, 1991) en als moeder-overste in Storia di una capinera (Zeffirelli, 1993). In de verfilmin van haar memoires Diva! (Francesco Patierno, 2017) werd Cortese gespeeld door acht verschillende actrices. Getrouwdgeweest met acteur Richard Basehart.


09 juli 2019

Freddie Jones

91, Engeland, 9 juli, na een korte ziekte

Engels acteur, voluit Frederick Charles Jones. Lange loopbaan in theater (vaak bij regisseur Peter Brook), tv en film. Misschien het bekendst als de spreekstalmeester in The Elephant Man (David Lynch, 1980). Filmdebuut in Accident (Joseph Losey, 1967), gevolgd door filmversie van zijn theaterrol in Marat/Sade (Brook, 1967). Ook in Far from the Madding Crowd (John Schlesinger, 1967), The Bliss of Mrs. Blossom (Joseph McGrath, 1968), Otley(Dick Clement, 1969), Frankenstein Must Be Destroyed (Terence Fisher, 1969), Doctor in Trouble (Ralph Thomas, 1970), The Man Who Haunted Himself/De duivelse dubbelganger (Basil Dearden, 1970), als Pompeius in Antony and Cleopatra (Charlton Heston, 1972), Sitting Target (Douglas Hickox, 1972), Son of Dracula (Freddie Francis, 1973), The Satanic Rites of Dracula (Alan Gibson, 1973), Juggernaut (Richard Lester, 1974), Vampira (Clive Donner, 1974), Never Too Young to Rock (Dennis Abey, 1976), Zulu Dawn (Hickox, 1979), Firefox (Clint Eastwood, 1982), Krull (Peter Yates, 1983), E la nave va (Federico Fellini, 1983), Firestarter (Mark L. Lester, 1984), Dune (Lynch, 1984), Young Sherlock Holmes (Barry Levinson, 1984), Comrades (Bill Douglas, 1986), Erik the Viking (Terry Jones, 1988), Wild at Heart (Lynch, 1990), The NeverEnding Story III (Peter MacDonald, 1994), Cold Comfort Farm (Schlesinger, 1995), The Count of Monte Cristo (Kevin Reynolds, 2002), Ladies in Lavender (Charles Dance, 2004), The Libertine (Laurence Dunmore, 2004). Vader van acteur Toby Jones.

Rip Torn


88, Lakeville CT, 7 juli, doodsoorzaak onbekend

Amerikaans acteur, voluit Elmore Rual Torn. Volle neef van actrice Sissy Spacek. Zeer actief, ook in theater en op tv. Oscarnominatie voor bijrol in Cross Creek (Martin Ritt, 1983), grootste bekendheid als  Zed in Men in Black (Barry Sonnenfeld, 1997) en het vervolg Men in Black II (Sonnenfeld, 2002). Eerste rollen zonder naamsvermelding in Baby Doll (Elia Kazan, 1956) en A Face in the Crowd (Kazan, 1957). Officieel debuut in Time Limit (Karl Malden, 1957). Onder meer in Pork Chop Hill (Lewis Milestone, 1959), als Judas Iskariot in King of Kings (Nicholas Ray, 1961), Sweet Bird of Youth (Richard Brooks, 1962), Critic’s Choice (Don Weis, 1963), The Cincinnati Kid (Norman Jewison, 1965), You’re a Big Boy Now (Francis Ford Coppola, 1966), Beach Red (Cornel Wilde, 1967), Sol Madrid (Brian G. Hutton, 1968), Lions Love (Agnès Varda, 1969), Maidstone (Norman Mailer, 1970), Tropic of Cancer (Joseph Strick, 1970), Slaughter (Jack Starrett, 1972), Payday (Daryl Duke, 1972), Crazy Joe (Carlo Lizzani, 1974), The Man Who Fell to Earth (Nicolas Roeg, 1976), The Private Files of J. Edgar Hoover (Larry Cohen, 1977), Coma (Michael Crichton, 1978), The Seduction of Joe Tynan (Jerry Schatzberg, 1979), Heartland (Richard Pearce, 1979), One Trick Pony (Robert M. Young, 1980), A Stranger Is Watching (Sean S. Cunningham, 1982), The Beastmaster (Don Coscarelli, 1982), Jinxed! (Don Siegel, 1982), Airplane II: The Sequel (Ken Finkleman, 1982), City Heat (Blake Edwards, 1984),Misunderstood (Schatzberg, 1984), Songwriter (Alan Rudolph, 1984), Extreme Prejudice (Walter Hill, 1987), Nadine (Robert Benton, 1987), Defending your Life (Albert Brooks, 1991), Beyond the Law (Larry Ferguson, 1993), Canadian Bacon (Michael Moore, 1995), How to Make an American Quilt (Jocelyn Moorhouse, 1995), The Insider (Michael Mann, 1999), Wonder Boys (Curtis Hanson, 2000), Dodgeball: A True Underdog Story (Rawson Marshall Thurber, 2004), Marie Antoinette (als Lodewijk XV; Sofia Coppola, 2006), Happy Tears (Mitchell Lichtenstein, 2009). Stem van Zeus in Hercules (Ron Clements en John Musker, 1997). Regisseerde de door Harry Nilsson en Terry Southern geschreven komedie The Telephone (met Whoopi Goldberg; 1988). Genoot enige faam wegens soms onverwacht agressief gedrag, ook op filmsets. Zou om die reden ontslagen zijn als de advocaat in Easy Rider (Dennis Hopper, 1969), voor welke rol vervanger Jack Nicholson een Oscarnominatie kreeg. Torn en Hopper beschuldigden elkaar over en weer van bedreiging met een mes, rechter oordeelde in voordeel van Torn. Getrouwd geweest met actrices Ann Wedgeworth, Geraldine Page en Amy Wright.

07 juli 2019

Artur Brauner





100, Berlijn, 7 juli, hartfalen

In Polen geboren Duits producent, eigenlijk Abraham Brauner. Tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Sovjet-Unie ondergedoken Holocaustoverlever maakte onder meer Charlotte (Frans Weisz, 1980) mogelijk en coproduceerde ook The Rose Garden (Fons Rademakers, 1989). Nam met zijn in 1946 in de Amerikaanse sector van Berlijn opgerichte maatschappij CCC Films een sleutelpositie in bij de wederopbouw van de Duitse filmindustrie.  Eerste (co)productie: de komedie Sag’ die Wahrheit (Helmut Weiss, 1946). Belangrijkste films: Morituri (Eugen York, 1948), Fünf untern Verdacht (Kurt Hoffmann, 1950), Epilog – Das Geheimnis der Orplid (Helmut Käutner, 1950), Schwarze Augen (Géza von Bolváry, 1951), Der Raub der Sabinerinnen (Hoffmann, 1954), Grosse Star-Parade (Paul Martin, 1954), Die Ratten (Robert Siodmak, 1955), Der 20. Juli (Falk Harnack, 1955), Der Hauptmann und sein Held (Max Nosseck, 1955), Du mein stilles Tal (Leonard Steckel, 1955), Liebe, Tanz und 1000 Schlager (Martin, 1955), Teufel in Seide (Rolf Hansen, 1956), Du bist Musik (Martin, 1956), Vor Sonnenuntergang (Gottfried Reinhardt, 1956), Mein Vater, der Schauspieler (Siodmak, 1956), Die Halbstarken (Georg Tressler, 1956), Anastasia, die letzte Zarentochter (Harnack, 1956), Musikparade (Géza von Cziffra, 1956), Das einfache Mädchen (Werner Jacobs, 1957), Auf Wiedersehen, Franziska! (Wolfgang Liebeneiner, 1957),Liebe, Jazz und Übermut (Erik Ode, 1957), Die Frühreifen (Erik von Báky, 1957), Gestehen Sie, Dr. Corda! (Von Báky, 1958), Es geschah am hellichten Tag (Ladislao Vajda, 1958), Mädchen in Uniform (Géza von Radványi, 1958), Der Czardas-König (Harald Philipp, 1958), Das verbotene Paradies (Nosseck, 1958), Der Tiger von Eschnapur (Fritz Lang, 1959), Das indische Grabmal (Lang, 1959), Aus dem Tagebuch eines Frauenarztes (Werner Klingler, 1959), Ein Engel auf Erden (Von Radványi, 1959), Menschen im Hotel (Reinhardt, 1959), Am Tag, als der Regen kam(Gerd Oswald, 1959), Alt Heidelberg (Ernst Marischka, 1959), Herrin der Welt (Wilhelm Dieterle, 1960), Die 1000 Augen des Dr.Mabuse (Lang, 1960), Der brave Soldat Schwejk (Axel von Ambesser, 1960), Lebensborn(Klingler, 1960), Via Mala (Paul May, 1961), Im Stahlnetz des Dr.Mabuse(Harald Reinl, 1961), Es muss nicht immer Kaviar sein (Von Radványi, 1961), Das Testament des Dr. Mabuse (Klingler, 1962), Old Shatterhand(Hugo Fregonese, 1964), Der Schut (Siodmak, 1964), Fanny Hill (Russ Meyer, 1964), Der Schatz der Azteken (Siodmak, 1965), Genghis Khan (Henry Levin, 1965), Die Pyramide des Sonnengottes (Siodmak, 1965), Durchs wilde Kurdistan (Franz Josef Gottlieb, 1965), Trunk to Cairo/Einer spielt falsch (Menahem Golan, 1966), Die Nibelungen (Reinl, 1967), Tevje und seine sieben Töchter (Golan, 1968), Shalako (Edward Dmytryk, 1968), L’astragale (Guy Casaril, 1968), De Sade (Cy Endfield, 1969), L’uccello dalle piume di cristallo/The Bird with the Crystal Plumage (Dario Argento, 1970), Il giardino dei Finzi Contini (Vittorio De Sica, 1970), The Call of the Wild (Ken Annakin, 1972), La passante du Sans-Souci (jacques Rouffio, 1982), Eine Liebe in Deutschland (Andrzej Wajda, 1983), Wedle wyroków twoich…/Blutiger Schnee (gebaseerd op herinneringen van de producent; Jerzy Hoffman, 1984), Bittere Ernte (Agnieszka Holland, 1985), Hanussen (István Szabó, 1988), Europa Europa/Hitlerjunge Salomon (Holland, 1990), Babi Jar (Jeff Kanew, 2003), Der letzte Zug (Joseph Vilsmaier en Dana Vávrová, 2006), Wunderkinder (Marcus O. Rosenmüller, 2011). Autobiografie: Mich gibt’s nur einmal (1976). Hoofdpersoon van de documentaires Ihn gibt’s nur einmal – Artur Brauner (Wolfgang Dresler, 1994), Ein Leben für die Traumfabrik (Michael Strauven, 1998) en het korte Rosas Welt (Rosa von Praunheim, 2012).