08 juli 2012

Ernest Borgnine

95, Los Angeles, 8 juli, nierfalen

 

Amerikaans acteur, pseudoniem van Ermes Effron Borgnino. Winnaar van een Oscar voor beste acteur voor de vertolking van de schuchtere Italiaanse slager die een vrouw zoekt in Marty (Delbert Mann, 1955), ook de eerste winnaar van een Gouden Palm in Cannes. Geboren in Connecticut als zoon van Italiaanse immigranten bracht Borgnine een deel van zijn jeugd (1919-24) in Milaan door. Bokser en marineman koos in 1945 voor het acteren en debuteerde in 1949 op Broadway. Zijn eerste filmrol was die van een Chinees in China Corsair (Ray Nazarro, 1951), direct gevolgd door The Whistle at Eaton Falls (Robert Siodmak, 1951). Hij werd aanvankelijk vaak gecast als slechterik, zoals in The Mob (Robert Parrish, 1951), The Stranger Wore a Gun (André De Toth, 1953) of de sadistische sergeant in From Here to Eternity (Fred Zinnemann, 1953). Onder veel meer te zien in Johnny Guitar (Nicholas Ray, 1954), Demetrius and the Gladiators (Delmer Daves, 1954), The Bounty Hunter (De Toth, 1954), Vera Cruz (Robert Aldrich, 1954), Bad Day at Black Rock (John Sturges, 1955), Run for Cover (Ray, 1955), als Amish in Violent Saturday (Richard Fleischer, 1955), Jubal (Daves, 1956),

tegenover Bette Davis in The Catered Affair (Richard Brooks, 1956),  de musical The Best Things in Life Are Free (Michael Curtiz, 1956),  The Vikings (Fleischer, 1958), The Badlanders (Daves, 1958), Torpedo Run (Joseph Pevney, 1958), The Rabbit Trap (top-billed; Philip Leacock, 1959), Summer of the Seventeenth Doll/Season of Passion (top-billed; Leslie Norman, 1960), als Russische spion in Man on a String (top-billed; De Toth, 1960),  Pay or Die (top-billed; Richard Wilson, 1960), als zakkenroller in Il giudizio universale (Vittorio de Sica, 1961), tegenover Vittorio Gassman in I briganti Italiani (Mario Camerini, 1961), Barabba/Barabbas (Fleischer, 1961), McHale’s Navy (top-billed; Edward Montagne, 1964) en de gelijknamige televisieserie,

The Flight of the Phoenix (Aldrich, 1965), The Oscar (Russell Rouse, 1966), Chuka (Gordon Douglas, 1967). The Dirty Dozen (Aldrich, 1967), The Legend of Lylah Clare (Aldrich, 1968), Ice Station Zebra (Sturges, 1968), The Wild Bunch (Sam Peckinpah, 1969), The Adventurers (Lewis Gilbert, 1969), Suppose They Gave a War and Nobody Came? (Hy Averback, 1970), Willard (Daniel Mann, 1971), Bunny O’Hare (weer tegenover Davis; Gerd Oswald, 1971), Hannie Caulder (Burt Kennedy, 1971), The Revengers (Daniel Mann, 1972), The Poseidon Adventure (Ronald Neame, 1972), Emperor of the North Pole (Aldrich, 1973), The Neptune Factor (Daniel Petrie, 1973), Law and Disorder (Ivan Passer, 1974), Sunday in the Country (top-billed; John Trent, 1974), The Devil’s Rain (top-billed; Robert Fuest, 1975), Hustle (Aldrich, 1975), Shoot (Harvey Hart, 1976), als centurio in Jesus of Nazareth (Franco Zeffirelli, 1977), Fire! (top-billed; Earl Bellamy, 1977), tegenover Muhammad Ali in The Greatest (Tom Gries, 1977), Crossed Swords/The Prince and the Pauper (Fleischer, 1977), als redneck sheriff in Convoy (Peckinpah, 1978),

The Black Hole (Gary Nelson, 1979), When Time Ran Out… (James Goldstone, 1980), tegenover Terence Hill in Poliziotto Superpiù/Supersnooper (Sergio Corbucci, 1980), Escape from New York (John Carpenter, 1981), Deadly Blessing (Wes Craven, 1981), Geheimcode: Wildgänse/Code Name: Wild Geese (Antonio Margheriti, 1984), Skeleton Coast (top-billed; John Bud Cardos, 1988), tegenover Brandon Lee in Laser Mission (BJ Davis, 1989), Gattaca (Andrew Niccol, 1997), de titelrol van de monoloog Hoover (Rick Pamplin, 2001), de episode USA in 11’09”01 – September 11 (Sean Penn, 2002), Blueberry (Jan Kounen, 2004), Strange Wilderness (Fred Wolf, 2008) en Red (Robert Schwentke, 2011). Ook in talloze tv-films en –series, waaronder The Love Boat (1982) en Airwolf (1984-86). Onder meer getrouwd geweest met de actrices Katy Jurado en Ethel Merman.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen