12 februari 2014

Sid Caesar


91, Beverly Hills, 12 februari, na een korte ziekte

Amerikaans acteur en komiek. Begon als saxofonist in de zogeheten Borscht Belt (Joods revuecircuit in de Catskill-bergen). Succesvol televisiekomiek met een eigen show in de jaren 50. Won Emmy’s in 1952 en 1957, in totaal elf Emmy-nominaties. Werd beschouwd als innovatief humorist, die voor zijn sketches veel samenwerkte met tekstschrijver Mel Brooks, maar vooral leunde op de kracht van zijn  mimiek en lichaamstaal. Filmdebuut in de B-musical van Columbia Tars and Spars (Alfred E. Green, 1946).
Zou internationaal de grootste bekendheid verwerven als de wanhopige sportleraar Calhoun in Grease (Randal Kleiser, 1978) en Grease 2 (Patricia Birch, 1982). Ook in films als het drama The Guilt of Janet Ames (Henry Levin, 1947), It’s a Mad, Mad, Mad, Mad World (Stanley Kramer, 1963), The Busy Body (top-billed; William Castle, 1967), A Guide for the Married Man (Gene Kelly, 1967), The Spirit Is Willing (top-billed; Castle, 1967),
Airport 1975 (Jack Smight, 1974), als studiochef in Silent Movie (Brooks, 1976), Fire Sale (Alan Arkin, 1977), The Cheap Detective (Robert Moore, 1978), tegenover Peter Sellers in The Fiendish Plot of Dr. Fu Manchu (Piers Haggard, 1980), als opperhoofd van de holbewoners in History of the World: Part I (Brooks, 1981), Over the Brooklyn Bridge (Menahem Golan, 1984), Cannonball Run II (Hal Needham, 1984), Stoogemania (Chuck Workman, 1986), in de titelrol van The Emperor’s New Clothes (top-billed; David Irving, 1987),
tegenover Chevy Chase in Vegas Vacation (Stephen Kessler, 1997) en The Wonderful Ice Cream Suit (Stuart Gordon, 1998). Autobiografie: Where Have I Been? (1982).

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen