06 augustus 2012

Marvin Hamlisch

68, Los Angeles, 6 augustus, na een korte ziekte

 

Amerikaans componist. Won drie Oscars in hetzelfde jaar, voor de originele score en de titelsong van The Way We Were (Sydney Pollack, 1973) en voor de songscore en bewerking (van Scott Joplins ragtime-muziek) van The Sting (George Roy Hill, 1973).

Negen overige Oscarnominaties, waarvan zeven voor beste liedje: Life Is What You Make It uit Kotch (Jack Lemmon, 1971), Nobody Does It Better uit de Bond-film The Spy Who Loved Me (Lewis Gilbert, 1977), The Last Time I Felt Like This uit Same Time, Next Year (Robert Mulligan, 1978), Through the Eyes of Love uit Ice Castles (Donald Wrye, 1979), Surprise, Surprise, een toevoeging voor de filmversie aan de door hemzelf geschreven musical A Chorus Line (Richard Attenborough, 1985), The Girl Who Used to Be Me uit Shirley Valentine (Gilbert, 1989) en I’ve Finally Found Someone uit The Mirror Has Two Faces (Barbra Streisand, 1996). De overige twee nominaties betroffen originele scores voor The Spy Who Loved Me en Sophie’s Choice (Alan J. Pakula, 1982).

Hamlisch was op zijn zevende de jongste student van de prestigieuze Julliard School en verdiende later de kost als pianist bij repetities voor Broadway-musicals. Zijn eerste bijdrage aan film waren enkele liedjes voor Ski Party (Alan Rafkin, 1965),

de eerste originele score was voor The Swimmer (Frank Perry, 1968). Daarna volgden scores voor films als The April Fools (Stuart Rosenberg, 1969), Take the Money and Run (eerste film van Woody Allen, 1969), Bananas (Allen, 1971), Something Big (Andrew V. McLaglen, 1971), The War between Men and Women (Melville Shavelson, 1972), The World’s Greatest Athlete (Robert Scheerer, 1973), Save the Tiger (John G. Avildsen, 1973), The Prisoner of Second Avenue (Melvin Frank, 1975), Starting Over (Pakula, 1979), Chapter Two (Robert Moore, 1979), Seems Like Old Times (Jay Sandrich, 1980), I Ought to Be in Pictures (Herbert Ross, 1983), D.A.R.Y.L. (Simon Wincer, 1985), 3 Men and a Baby (Leonard Nimoy, 1987), Little Nikita (Richard Benjamin, 1988), The January Man (Pat O’Connor, 1989), Frankie and Johnny (Garry Marshall, 1991) en The Informant! (Steven Soderbergh, 2009).

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen