11 juni 2012

Jos van der Linden

64, Amsterdam, 11 juni, in zijn slaap

Nederlands productieleider en uitvoerend producent. Was ook bij enkele films volledig verantwoordelijk producent, zoals de kleine auteursfilm Vroeger is dood (Ine Schenkkan, 1987) die hem een Gouden Kalf voor de beste lange speelfilm opleverde. Eerder won hij in 1986 een Gouden Kalf voor de vakprijs Productie, toen nog een onderscheiding voor een heel oeuvre. Het derde Gouden Kalf kreeg Van der Linden als een van de vier producenten (met Sanfu Maltha, Jeroen Beker en Frans van Gestel) van Zwartboek (Paul Verhoeven, 2006). Andere producties van zijn eigen maatschappijen Lindenfilm en Hector bv waren bijvoorbeeld de korte film De stenen vriendin (Jindra Markus, 1983), Blauw bloed (Hans Kemna, 1986), de Belgisch-Nederlandse coproductie Hector (Stijn Coninx, 1987),

Honneponnetje (samen met Ruud van Hemert en Erwin Provoost; Van Hemert, 1988), De bunker (de enige speelfilmregie van Gerard Soeteman, 1992), Hoogste tijd (samen met René Seegers en Robbe De Hert; Frans Weisz, 1995)  en Kicks (samen met Maltha en Albert ter Heerdt; Ter Heerdt, 2007), alsmede de televisiefilms Naarden Vesting (Annette Apon, 1993) en De malle tennispet (naar Remco Campert; Anne van der Linden, 1997) en de serie Tijd van leven (André van Duren, 1995).  Executive producer of line producer van onder meer Rooie Sien (Weisz, 1974), Heb medelij, Jet! (Weisz, 1975), Oscarwinaar De aanslag (Fons Rademakers, 1986), De vlinder tilt de kat op (Willeke van Ammelrooy, 1994), Madelief: Krassen in het tafelblad (Ineke Houtman, 1998), Costa! (Johan Nijenhuis, 2001), De scheepsjongens van Bontekoe (Steven de Jong, 2007), De hel van ’63 (De Jong, 2009) en Alle tijd (Job Gosschalk, 2011), alsmede de televisieserie Wilhelmina (Olga Madsen, 2001). Begonnen als productieleider bij films als Een pak slaag (Bert Haanstra, 1979),  Mijn vriend of het verborgen leven van Jules Depraeter (Rademakers, 1979), Spetters (Verhoeven,. 1980), Het meisje met het rode haar (Ben Verbong, 1981), Ik ben Joep Meloen (Guus Verstraete jr., 1981), Een zaak van leven of dood (George Schouten, 1983), Schatjes! (Van Hemert, 1984), De schorpioen (Verbong, 1984), De ijssalon (Dimitri Frenkel Frank, 1985), Girl with a Pearl Earring (Peter Webber, 2003), The Emperor’s Wife (Julien Vrebos, 2003) en Vet hard (Tim Oliehoek, 2005). Assistent-regisseur van de korte film The Horseless Prince (Oliehoek, 2003) en van Shouf shouf habibi! (Ter Heerdt, 2004). Was over een periode van vier decennia onder meer nauw gelieerd aan Joop van den Ende, Fons Rademakers, Sanfu Maltha en Job Gosschalk. Getrouwd met televisieregisseur Anne van der Linden-Taverne.

07 juni 2012

J. Michael Riva

63, Los Angeles, 7 juni, gevolgen van beroerte

 

Amerikaans art director. Kleinzoon van Marlene Dietrich, zoon van haar biograaf Maria Sieber Riva. Kreeg een Oscarnominatie voor The Color Purple (Steven Spielberg, 1985). Voltooide onlangs de production design voor Django Unchained (Quentin Tarantino, 2012). Debuteerde als art director van de dubieuze Canadese cultfilm Ilsa, Haremkeeper of the Oil Sheiks (Don Edmonds, 1976). Voorts onder meer art director of production designer van Bare Knuckles (Edmonds, 1977), Fast Charlie…  the Moonbeam Rider (Steve Carver, 1979), Brubaker (Stuart Rosenberg, 1980), Ordinary People (Robert Redford, 1980), The Hand (Oliver Stone, 1981), Halloween II (Rick Rosenthal, 1981), Bad Boys (Rosenthal, 1983), The Adventures of Buckaroo Banzai across the 8th Dimension (W.D. Richter, 1984),

The Slugger’s Wife (Hal Ashby, 1985), The Goonies (Richard Donner, 1985), The Golden Child (Michael Ritchie, 1986), Lethal Weapon (Donner, 1987), Scrooged (Donner, 1988), Lethal Weapon 2 (Donner, 1989), Tango & Cash (Andrei Konchalovsky, 1989), Radio Flyer (Donner, 1992), A Few Good Men (Rob Reiner, 1992), Dave (Ivan Reitman, 1993), North (Reiner, 1994), Congo (Frank Marshall, 1995), Hard Rain (Mikael Salomon, 1998), Six Days Seven Nights (Reitman, 1998), Ldethal Weapon 4 (Donner, 1998), Charlie’s Angels (McG, 2000), Evolution (Reitman, 2001), Charlie’s Angels: Full Throttle (McG, 2003), Stealth (Rob Cohen, 2005), Zathura: A Space Adventure (Jon Favreau, 2005), The Pursuit of Happyness (Gabriele Muccino, 2006), Spider-Man 3 (Sam Raimi, 2007), Iron Man (Favreau, 2008), Seven Pounds (Muccino, 2008), Iron Man 2 (Favreau, 2010) en het nog uit te brengen The Amazing Spider-Man (Marc Webb, 2012). Verloofd geweest met actrice Jamie Lee Curtis.

Nolan Miller

79, Woodland Hills Ca, 7 juni, longkanker

 

Amerikaans mode- en kostuumontwerper. Werd zes keer genomineerd voor een Emmy, waarvan vier keer voor de serie Dynasty (1981-89). Tekende ook voor de kostuums in series als Charlie’s Angels (1976-81), The Love Boat (1977-85) en The Colbys (1985-87). Ook enkele films: How to Commit Marriage (Norman Panama, 1969), Skin Deep (Blake Edwards, 1989), Soapdish (Michael Hoffman, 1991) en All I Want for Christmas (Robert Lieberman, 1991).

06 juni 2012

Audrey Young

89, Los Angeles?, 6? juni, doodsoorzaak onbekend

 

Amerikaans actrice, zangeres en kostuumadviseur. Weduwe van regisseur Billy Wilder, die ze ontmoette op de set van The Lost Weekend (1944). Van haar rol als garderobejuffrouw resteert in de montage slechts een hand, maar ze zou wel in 1949 met Wilder in het huwelijk treden. Aanvankelijk zangeres bij de band van Tommy Dorsey en contractspeler bij Paramount, veelal te zien in bijrollen zonder credit. Officieel debuut in Out of This World (Hal Walker, 1945), als lid van het Glamourette Quartet. Ook sprekende (en vermelde) rollen in George White’s Scandals (Felix E. Feist, 1945). Follow That Woman (Lew Landers, 1945), de korte film College Queen (George Templeton, 1946), Danger Street (Landers, 1947), de Abbott & Costello-klucht The Wistful Widow of Wagon Gap (Charles Barton, 1947), Easy Living (Jacques Tourneur, 1949) en Love Me or Leave Me (Charles Vidor, 1955). Adviseerde na haar huwelijk Wilder onder meer bij de kostuums van Some Like It Hot (1959) en The Apartment (1960).

05 juni 2012

Ray Bradbury

91, Los Angeles, 5 juni, natuurlijke dood

 

Amerikaans science-fictionschrijver. Veel van zijn boeken werden verfilmd, met name Fahrenheit 451 (François Truffaut, 1966) over een wereld waarin het beeld zo belangrijk is geworden dat alle boeken verbrand worden. Het hergebruik van de titel voor de propagandadocumentaire Fahrenheit 9/11 (Michael Moore, 2004) stelde Bradbury zeer teleur. Hij schreef zelf (mee) aan verschillende scenario’s voor televisie en film, zoals de bewerking van Herman Melvilles Moby Dick (John Huston, 1956), het door Orson Welles uitgesproken commentaar bij de evangeliefilm King of Kings (officieus; Nicholas Ray, 1961), The Picasso Summer (als Douglas Spaulding; Serge Bourguignon en Robert Sallin, 1969), Something Wicked This Way Comes (Colin Finbow, 1972 en de gelijknamige remake voor Disney van Jack Clayton, 1983), het concept voor de animatiefilm Little Nemo: Adventures in Slumberland (Masami Hata en William T. Hurtz, 1989) de televisiefilm The Wonderful Ice Cream Suit (Stuart Gordon, 1998) en het nog uit te brengen Ray Bradbury’s Kaleidoscope (Eric Tozzi, 2012). Tot de bekendste films gebaseerd op Bradbury’s werk behoren It Came from Outer Space (Jack Arnold, 1953) naar het verhaal The Meteor; The Beast from 20,000 Fathoms (Eugène Lourié, 1953) naar het verhaal The Fog Horn; The Illustrated Man (Jack Smight, 1969) naar de gelijknamige roman; A Sound of Thunder (Peter Hyams, 2005) naar het gelijknamige verhaal. Was bevriend met special effectsontwerper Ray Harryhausen, animator Chuck Jones en science-fiction goeroe Forrest J. Ackerman.

04 juni 2012

Stan Jolley

86, Palm Desert CA, 4 juni, doodsoorzaak onbekend

 

Amerikaans art director en production designer. Zoon van bijrolacteur I. Stanford Jolley. Oscarnominatie voor de art direction van Witness (Peter Weir, 1985). Werkte veel voor televisie, filmdebuut voor Disney als art director van Toby Tyler, or Ten Weeks with a Circus (Charles Barton, 1961).  Voorts onder meer Mail Order Bride (Burt Kennedy, 1964), Broken Sabre (Bernard McEveety, 1965), Ride beyond Vengeance (McEveety, 1965), Young Billy Young (Kennedy, 1969), The Good Guys and the Bad Guys (Kennedy, 1969), Lawman (Michael Winner, 1971), The War between Men and Women (Melville Shavelson, 1972), Night of the Lepus (William F. Claxton, 1972), Walking Tall (Phil Karlson, 1973), Framed (Karlson, 1975), Drum (Steve Carver, 1976), de oorspronkelijk voor tv gemaakte, maar in Nederland in de bioscoop uitgebrachte titels Flood! (Earl Bellamy, 1976) en The Amazing Howard Hughes (William A. Graham, 1977), de rampenfilm The Swarm (Irwin Allen, 1978), Caddyshack (Harold Ramis, 1980), Taps (Harold Becker, 1981), Cattle Annie and Little Britches (Lamont Johnson, 1981), The Good Mother (Leonard Nimoy, 1988) en Dutch (Peter Faiman, 1991).

02 juni 2012

Kathryn Joosten

72, Westlake Village CA, 2 juni, longkanker

 

Amerikaans televisieactrice. Werd beroemd door twee cruciale bijrollen in series, van de mopperige presidentiële secretaresse Dolores Landingham in The West Wing (1999-2002) en van de nieuwsgierige buurvrouw Karen McCluskey in Desperate Housewives (2005-12). Pas na haar veertigste gaan acteren door een cursus bij de groep Steppenwolf in Chicago. Was aanvankelijk behanger, psychiatrisch verpleegkundige en employé van Disneyworld in Orlando. Ook in theater, commercials en enkele films: Grandview, U.S.A. (Randal Kleiser, 1984), The Package (Andrew Davis, 1989), Best Men (Tamra Davis, 1997), Phoenix (Danny Cannon, 1998), Red Roses and Petrol (Tamar Simon Hoffs, 2003), Breaking Dawn (Mark Edwin Robinson, 2004), Hostage (Florent-Emilio Siri, 2005), Wedding Crashers (David Dobkin, 2005), Cheaper by the Dozen 2 (Adam Shankman, 2005), Rails & Ties (Alison Eastwood, 2007), Bedtime Stories (Shankman, 2008) en Alvin and the Chipmunks: The Squeakquel/Alvin en de Chipmunks 2 (Betty Thomas, 2009).